Wat is het verschil tussen een vaarbewijs en een pleziervaartbewijs?

Yannick Stoop ·

Als je met je boot op pad gaat, kom je al snel de vraag tegen: heb ik nu een vaarbewijs nodig, een pleziervaartbewijs, of allebei? De termen lijken op elkaar, maar betekenen niet hetzelfde. Of je nu een weekje toervaren plant door Noord-Brabant of voor het eerst een bootje wilt besturen, het is handig om te weten welk bewijs bij jouw situatie past. In dit artikel leggen we het verschil helder uit, zodat je goed voorbereid het water op gaat.

Wat is een vaarbewijs en wanneer heb je er een nodig?

Een vaarbewijs is een officieel document dat aantoont dat je de kennis en vaardigheden hebt om een motorboot te besturen. In Nederland is een vaarbewijs verplicht als je een motorboot bestuurt die sneller kan dan 20 km/u, of als je vaart op bepaalde binnenwateren die zijn aangewezen als verplicht-vaarbewijswater.

Er zijn twee soorten vaarbewijzen voor de binnenvaart:

  • Klein vaarbewijs I (KVB I): geldig op binnenwateren, niet op het IJsselmeer of de grote rivieren
  • Klein vaarbewijs II (KVB II): geldig op alle Nederlandse binnenwateren, inclusief het IJsselmeer en de grote rivieren

Wil je op zee varen, dan heb je een ander bewijs nodig, zoals het Groot Pleziervaartbewijs of een CWO-certificaat. Voor de meeste toervaarders die door het binnenland varen, is het Klein vaarbewijs I of II de relevante keuze.

Wat is een pleziervaartbewijs en voor wie is het bedoeld?

Het pleziervaartbewijs is een bewijs dat specifiek is bedoeld voor de recreatieve vaart. Het is niet hetzelfde als het vaarbewijs voor de beroepsvaart. In de praktijk wordt de term “pleziervaartbewijs” vaak gebruikt als overkoepelende naam voor de bewijzen die recreatieve watersporters nodig hebben, zoals het Klein vaarbewijs I of II.

Het pleziervaartbewijs is bedoeld voor iedereen die recreatief vaart met een motorboot, dus niet voor beroepsschippers. Denk aan gezinnen die een weekje toervaren, zeilers met een hulpmotor die sneller gaat dan 20 km/u, of passanten die via de binnenwateren van haven naar haven trekken.

Kort gezegd: als je recreatief vaart met een motorboot in Nederland en de boot harder kan dan 20 km/u, dan heb je een pleziervaartbewijs nodig. Dat bewijs is in de meeste gevallen het Klein vaarbewijs I of II.

Wat is het verschil tussen een klein vaarbewijs en een groot vaarbewijs?

Het onderscheid zit hem vooral in het vaargebied en de omstandigheden waaronder je mag varen:

  • Klein vaarbewijs I: voor binnenwateren, uitgezonderd het IJsselmeer, de Waddenzee, de grote rivieren en de Westerschelde. Dit bewijs is geschikt voor de meeste recreatieve tochten door kanalen, meren en polderwater in Nederland.
  • Klein vaarbewijs II: uitbreiding op het KVB I, geldig op alle binnenwateren, inclusief het IJsselmeer en de grote rivieren. Handig als je ook richting de Biesbosch of het Hollands Diep wilt varen.
  • Groot Pleziervaartbewijs: voor de zeevaart en grotere wateren buiten de binnenwateren. Dit bewijs is relevant als je op zee gaat of internationale wateren bevaart.

Voor toervaarders die door Noord-Brabant varen en aanmeren in een jachthaven aan de Leurse Vaart, is het Klein vaarbewijs I of II in de meeste gevallen voldoende.

Welk vaarbewijs heb je nodig als passant of toervaarder?

Als passant of toervaarder ben je doorgaans onderweg via de binnenwateren. De meest voorkomende route door Noord-Brabant loopt via kanalen, poldervaarten en verbindingen richting de Biesbosch, het Volkerak of Breda. Voor deze wateren geldt:

  • Vaar je alleen over rustige binnenwateren zonder het IJsselmeer of grote rivieren? Dan is het Klein vaarbewijs I voldoende.
  • Wil je ook via het Hollands Diep, de Biesbosch of het IJsselmeer varen? Dan heb je het Klein vaarbewijs II nodig.
  • Gaat je boot niet harder dan 20 km/u en is het geen aangewezen verplicht-vaarbewijswater? Dan ben je in sommige gevallen vrijgesteld van de bewijsplicht.

Controleer altijd de actuele regels via Rijkswaterstaat, want de aangewezen vaargebieden en uitzonderingen kunnen veranderen. Zo kom je niet voor verrassingen te staan onderweg.

Hoe haal je een vaarbewijs of pleziervaartbewijs?

Het behalen van een vaarbewijs is goed te doen, ook als je er niet veel tijd voor hebt. De meeste cursussen combineren theorie en praktijk en zijn in een weekend of een paar avonden te volgen. Dit is hoe het globaal werkt:

  1. Kies het juiste bewijs: bepaal of je het KVB I, KVB II of een ander bewijs nodig hebt op basis van je vaargebied.
  2. Volg een cursus: veel watersportverenigingen en erkende opleidingsinstituten bieden cursussen aan. Je leert de verkeersregels, het lezen van kaarten, en praktische vaardigheden.
  3. Doe examen: het examen bestaat uit een theoretisch en een praktisch deel. Het theoretische deel toetst je kennis van de vaarregels, het praktische deel laat je zien dat je de boot veilig kunt besturen.
  4. Ontvang je bewijs: na het slagen ontvang je het officiële vaarbewijs, uitgegeven door het CBR of een erkende instantie.

De kosten en doorlooptijd verschillen per aanbieder, maar reken op een paar weken voorbereiding als je het rustig wilt aanpakken.

Welke regels gelden er voor varen zonder vaarbewijs?

Niet iedereen heeft een vaarbewijs nodig. Er zijn een aantal situaties waarbij je legaal zonder bewijs mag varen:

  • Je boot kan niet harder dan 20 km/u (ook niet als je hem technisch gezien sneller zou kunnen maken).
  • Je vaart op water dat niet is aangewezen als verplicht-vaarbewijswater.
  • Je bent 12 jaar of ouder en vaart op water waarvoor geen bewijsplicht geldt.

Let op: ook als je geen vaarbewijs nodig hebt, ben je wel verplicht om je aan de vaarregels te houden. Denk aan vaarsnelheden, het voeren van verlichting bij nacht en het respecteren van andere vaarweggebruikers. Onwetendheid is geen excuus op het water.

Wil je kano’s huren of suppen in plaats van motorvaren? Dan heb je geen vaarbewijs nodig. Dat geldt ook voor kleine roeibootjes of zeilbootjes zonder motor die langzamer gaan dan 20 km/u.

Aanmeren bij De Turfvaart als passant of toervaarder

Ben je onderweg met je boot en zoek je een fijne plek om aan te meren in Noord-Brabant? Bij ons aan de Leurse Vaart in Etten-Leur ben je van harte welkom. We bieden 20 passantenligplaatsen in onze passantenhaven “de Zwaaikom”, waar boten tot 30 meter kunnen aanmeren. Onze jachthaven heeft directe aansluiting op de vaarwegen richting Breda, Oosterhout, de Biesbosch, Dinteloord en het Volkerak.

Dit is wat je bij ons vindt als passant:

  • Ligplaatsen aan de kade of aan een vlonder, met zijsteiger
  • Gratis wifi over de hele haven
  • Ons Paviljoen met uitgebreide horeca faciliteiten voor een lunch, diner of gezellige borrel
  • Een mooie omgeving om te wandelen, fietsen of te zwemmen in de Westpolderplas
  • Binnen enkele minuten het winkelhart van Etten-Leur

Wil je zeker zijn van een ligplaats? Neem dan van tevoren contact op met onze havenmeester via 06-18553223. We helpen je graag verder en zorgen dat je aankomst soepel verloopt.